Verslag van het gesprek dat plaatsvond op uitnodiging van  het DB van de sector gezondheidszorg van het NIP.

 

Tijd      4 juni 2004 12.45-14.15

Plaats   Vergaderzaal 4.4. van de Centrale Rino-groep te Utrecht.
Verslag: STAP in samenwerking met E. v.d. Put.

 

Deelnemers

Miriam Cloin-Brouwers, Jos Delimon en Gerard Nijssen(allen NIP) ,

Ina Leeuw(Weblog), Erik vd Put(Respect), Wim de Waal(kritisch stuk in de Psycholoog) en Frank Kraaijeveld en Frans Wismans (beiden Stap)

 

Verslag
We worden  hartelijk ontvangen en ook de inwendige mens komt aan zijn/haar trekken.

Frans vraagt of er iets te melden valt over het overleg gisteren met de NVP.

Jos vertelt dat hij met Veeninga op een lijn zit waar het het instandhouden (sterfhuis) van het Register Psychotherapeut  betreft (correctie door de NVP: zij pleit niet voor de sterfhuisconstructie, maar voor het voor altijd instandhouden van het register). De NVVP heeft gepleit voor de openstelling van het KP-register voor psychotherapeuten. Omdat dat blijkbaar onvoldoende gebeurde zijn ze afgehaakt.

Daarnaast meldt Jos over het 4 partijen overleg (Platform Psychotherapie) dat ook gisteren plaatsvond. Na de negatieve uitspraak van de rechter dienen we ons verder te beraden. Ook in breder verband. Het plan is om een conferentie te organiseren over de wijze waarop de beroepsgroepen zich opstellen naar overheid en samenleving. Hier wordt STAP ook  voor uitgenodigd.

 

Miriam stelt voor de bijeenkomst voor te zitten. Het gaat om een open gedachtenwisselingen waarbij het belangrijk is dat iedereen aangeeft wat hij of zij vindt van het NIP standpunt. Wim de Waal laat weten wat verlaat te zijn.

In  de inleiding  over de aanloop van de huidige situatie blijken Jos en Gerard op meerdere fronten in actie. Zo zijn beide actief in de Federatie van GZpsychologen, respectievelijk als voorzitter en secretaris. Daarnaast is Gerard ook nog ambtelijk secretaris van de Kamer Gezondheidszorgpsycholoog. De genoemde Federatie draagt weer mensen voor het College Specialismen GZ-psycholoog dat adviseert  o.a. over de overgangsregeling naar het register Klinisch Psycholoog.

 

Het verbaast STAP dat het NIP herhaaldelijk stelt dat bovengenoemde organen onafhankelijk opereren van het NIP, terwijl er sprake is van een nauwe verwevenheid van personen en functies.

 

Frans stelt voor niet de hele geschiedenis  in te duiken maar te spreken over wat aan de orde is namelijk de toekomstige positie van de Psychotherapeut en de Klinisch Psycholoog.

Gerard en Jos melden dat men de BIG-registratie van de KP nu gaat voordragen los van de eerder door de minister bedachte soepele instroom van de Psychotherapeuten. Daarbij formuleert men een overgangsbepaling, waarin geregeld wordt welke mensen meteen in het KP-register kunnen worden opgenomen. Een overgangsregeling voor de overigen kan dan in een later stadium vastgesteld worden, binnen de eigen beroepsgroep (vgl de eisen die de Ned. Vereniging voor Psychiatrie stelt aan artsen om psychiater te kunnen worden). Met andere woorden: als het specialisme KP eenmaal erkend is, dan is de beroepsgroep vrij om te bepalen wie tot het register worden toegelaten.

 

Men streeft er naar dit register open te stellen voor alleen de mensen met de aantekening  KP-NIP of diegenen die de opleiding tot klinisch psycholoog hebben gevolgd en afgerond. Dat hier ook mensen bij zijn die in de verte verste niet voldoen aan de huidige opleidingseisen wordt volgens Jos  ruimschoots goed gemaakt door hun werkervaring.

 

Frans en Frank doen een beroep op het NIP het op te nemen voor de GZpsycholoog/Psychotherapeut. Die komt er binnen het NIP bekaaid vanaf volgens hen. Wat gaat het NIP voor hen doen?

 

Jos laat weten dat hij al jaren gelden contact gezocht heeft met het toenmalige NVP bestuur om daar  samen beleid over te maken maar dat had de NVP toen  geen oren naar.

Frans vraagt zich af wat het NIP voor haar leden GZ-psycholoog/psychotherapeut doet.

Jos zegt  dat dat niet zo’n probleem is . Het zijn praktisch KP-ers en ze zullen dan ook wel soepel instromen. Vraagt blijft dan waarom men dan niet meteen kiest voor een ruimere instroom in het KP-register.

 

Frank stelt voor de GZ/Psychotherapeut een plaats te geven binnen het NIP raamwerk, bv de titel Psychotherapeut NIP. Dit zou dan deze in principe groep van 2000 collega’s helderheid geven. Bovendien weet het NIP zich dan ook verzekerd van een groeiende interesse van deze groep. Nu vallen ze tussen de wal(GZ) en het schip(KP).

De geruststelling van Jos is te marginaal volgens Frans. Het gaat er toch ook om dat het NIP al haar leden op een goede manier vertegenwoordigt en niet alleen de stokpaardjes(GZ,KP en ELP) berijdt!

 

Miriam geeft aan dat ook vanuit andere groepen het geluid komt dat het NIP onvoldoende doet voor haar leden. Zij erkent dat belangenbehartiging weinig prioriteit heeft gehad binnen het NIP en dat verbetering hiervan een van de onderwerpen is bij de voorstellen voor modernisering van het NIP. Zij stelt voor om met bovengenoemde gedachte (Psychotherapeut NIP) bezig te gaan binnen een van de secties van het NIP, zo werkt het het beste volgens haar.

Frans geeft aan dat zeker niet de bedoeling is van STAP. STAP kan haar rol juist goed vervullen door niet op te gaan in bestaande organisaties maar deze juist van uit een onafhankelijke positie te bevragen. Het gaat STAP nu juist om de bestaande organisaties  los te maken uit hun stramien en meer gezamenlijk een hoger belang te zien. Namelijk dat van de Psychotherapie als bedreigd vak en de marginalisering van de beroepsuitoefenaars.

Dat vraagt van de  beroepsverenigingen zich te heroriënteren en los te komen van hun stokpaardjes.  In het geval van het NIP vinden Frank en Frans dat men zich vooral druk maakt om hun KP-paradepaardje en niet of nauwelijks om de 2000 collega psychologen-psychotherapeuten.

 

Dan vraagt Wim aandacht voor het stuk van Erik. Erik heeft al een paar keer aangegeven dat hij vindt dat er niet teveel gepraat moet worden over historische verschillen en oude pijnpunten en dat het NIP zich niet telkens afhankelijk moet maken van procedures, maar dat er gepraat moet worden over de actiebereidheid en de samenwerkingsbereidheid van het NIP. Dat is ook waar zijn praatstuk over gaat. Ook Frank vindt dat de aandacht voor het stuk van Erik weggedrukt lijkt te worden en vindt ook dat we daar nu over moeten spreken. Gerard geeft aan dat het standpunt van het NIP nu is: in samenwerking met NVP pleiten voor de sterfhuisconstructie, en eventueel juridische wegen zoeken. Wim de Waal en Erik pleiten voor actie, wanneer deze wegen mislukken. Gerard en Jos stemmen hier aarzelend mee in. Erik geeft aan dat hij vindt dat deze twee zaken niet aan elkaar gekoppeld moeten worden en dat het NIP meteen moet beginnen met het mobiliseren van de actiebereidheid van de leden. Ook hier wordt aarzelend mee ingestemd. Erik dringt er nog op aan dat acties niet alleen gericht worden op de registratie perikelen, maar ook op de korting van het aantal sessies psychotherapie. Hierop krijgt hij vooralsnog een afwijzende reactie.

De tijd vliegt. Het is 14.15 en Jos vertrekt weer naar Halsteren. De voorzitter geeft aan dat we nog eens vaker zoiets zouden kunnen doen als daar behoefte aan is bij een van de deelnemers. De rondvraag kan geen opmerking meer ontlokken. Het was een interessante bijeenkomst!